TERUGBLIK, een nieuw boek

Onlangs is besloten de Terugblikken, columns die ik sinds 2006 in ZENIT schrijf, tezamen met andere herinneringen in boekvorm te publiceren. Het wordt een boek van 120 hoofdstukken in ruim 300 bladzijden. Deze bestrijken mijn prille jeugd op Texel; de jaren daarop in Indonesië, de oorlog en mijn wetenschappelijke loopbaan. Het boek krijgt de titel TERUGBLIK. Het wordt uitgegeven door Stipmedia te Alkmaar.
Verdere gegevens hierover zijn te vinden op http://www.stipmedia.nl/terugblik

Nieuwe Terugblik

Sinds 2006 schrijf ik maandelijks een column voor het populairwetenschappelijke tijdschrift ZENIT. Ze gaan over ervaringen en gebeurtenissen die ik in het verleden heb meegemaakt, vaak op het wetenschappelijke vlak maar ook die op andere terreinen. In het onlangs verschenen oktobernummer van ZENIT staat het relaas van de Astro Club. Dit was een opmerkelijk clubje van drie in de sterrenkunde geïnteresseerde schooljongens. Maar wel opmerkelijke schooljongens! Een daarvan heette Hugo van Woerden. Hij werd later hoogleraar sterrenkunde in Groningen en voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde. Een ander was Sidney van den Bergh. Deze studeerde sterrenkunde in Leiden, de Verenigde Staten en Göttingen en werd later directeur van de Dominion Astrophysical Observatory in Victoria, Canada. De derde was de aankomende journalist Lammert Huizing.
Een ander opmerkelijk aspect was dat deze club werd opgericht in 1943, midden in de oorlogstijd. Omdat de bestuursleden nog schooljongens waren hoefden zij zich niet aan te melden voor werk in de oorlogsindustrie in Duitsland. De oorlogstijd met zijn totale verduistering was wel een ideale tijd voor het doen van sterrenkundige waarnemingen met het blote oog.
Het doel van de Astro Club was het waarnemen van vallende sterren. Daartoe riepen zij sterrenkundigen, vakmensen en amateurs, op tot het doen van georganiseerde waarnemingen. Ik zat toen met mijn vriend Hans Hubenet ondergedoken. Wel op een ideale plaats: de Utrechtse sterrenwacht. Onder de schuilnamen B. Het Heun en J. C Gadeer (vervormingen van onze namen) deden we enthousiast mee aan deze waarnemingscampagnes.

BEZOEK AAN EEN KOMEET

Deze week hield ik een lezing over kometen: hun opbouw en herkomst. Aan het eind ervan besprak ik enkele recente ontmoetingen van ruimtevoertuigen met kometen en ging ik in op de komende landing van een onderdeel van het ruimtetuig Rosetta met een komeet. Dit zal op 12 november gebeuren. Een fascinerend plan waarvan we hopen dat het slagen zal. Er blijft een zekere kans op mislukken. We houden ons hart vast.
De presentatie is een gemoderniseerde variant van een vroegere. Hij is te lezen op deze website. Ga naar ‘presentaties’ en daar naar ‘3-komeetbezoek’.

DE METEORIET VAN ELLEMEET

In het oktobernummer van het populairwetenschappelijke maandblad ZENIT is een artikel verschenen van Robert Wielinga en mij over de meteoriet van Ellemeet, die enige tijd geleden in de belangstelling kwam toen hij was gestolen uit de sterrenwacht van Utrecht. Gelukkig werd hij enkele dagen later teruggevonden.
We gaan in dat artikel nog eens terug op de diefstal en bespreken daarna de oorspronkelijke inslag van de meteoorsteen. Daarna bespreken we de eigenschappen ervan: onderzoek van de radioactiviteit ervan heeft laten zien dat deze meteoriet, voor hij op de aarde insloeg, ongeveer 23 miljoen jaar vrij door de ruimte had gevlogen. Wij geven daarop de wetenschappelijke argumenten die aannemelijk maken dat deze steen afkomstig moet zijn uit een van de grootste planetoïden die in het zonnestelsel circuleert: het wereldje Vesta, met een middellijn van ongeveer 500 km. Vesta toont een aantal prachtige inslagkraters.
Er zijn vele andere kleinere brokstukken bekend in de wereld van de planetoïden die precies dezelfde eigenschappen hebben als Vesta en die hoogstwaarschijnlijk ook na een van die inslagen in de ruimte tussen de planeten zijn gekomen. Op aarde is in de loop van de tijden een dertigtal meteorieten neergeslagen met dezelfde eigenschappen als die van Ellemeet. Ook die zullen waarschijnlijk van Vesta afkomstig zijn.
ZENIT, Oktober 2014, pp. 14 – 19

Het onderzoek van de zon in Utrecht

Onder de titel ‘Van rustig tot eruptief-de zon’ is in het septembernummer van ZENIT mijn maandelijkse terugblik verschenen. Ik beschrijft daarin het zononderzoek zoals dat sinds 1919 in Utrecht plaatsvond: eerst het ontdekken en beschrijven van de Fraunhofer lijnen, gevolgd door de interpretatie ervan, daarna hoe men uit Fraunhofer lijnen de opbouw van de rustige zonneatmosfeer kan afleiden. Dit wordt gevolgd door de daaropvolgende lijn van het onderzoek dat zich na 1960 meer en meer gericht heeft op kortstondige en eruptieve verschijnselen op de zon. Daarbij kon met dankbaarheid gebruik gemaakt worden van de faciliteiten van de radioastronomie en vooral van die van het ruimteonderzoek. Met ons instrument in de Amerikaanse Solar Maximum Mission konden uiteindelijk de geheimzinnige plasma notulen in de zon ontdekt worden: het blijkt dat kortsluiting tussen gigantische stroombogen kan leiden tot erupties met energieën die miljarden malen groter zijn dan die van de atoombom op Hiroshima

Terugblikken-boek: voorzien wordt dat aan het eind van dit jaar een boek zal verschijnen met daarin een samenvatting van alle terugblikken die ik sinds 2006 geschreven heb. Daaraan toegevoegd zijn terugblikken die episodes beschrijven uit mijn jeugd, vooral die in Nederlands Oost Indië.