Het relativerende van de zon

Onder bovenstaande titel verscheen in de zaterdagse bijlage van het Noord-Hollands Dagblad en de daaraan verbonden bladen zoals de Helderse Courant een artikel gewijd aan mijn onderzoek van de zon. Een citaatje uit de aanhef: “de zon zal ervoor zorgen dat over 300 miljoen jaar de temperatuur op aarde zo’n 50° is. En over 6 miljard jaar stort de zon in.“ Beide zijn gevolg van het feit dat de sterkte van de zonnestraling toeneemt, en wel met een zeer klein bedrag, 0,15% per miljoen jaar. Maar die kleine beetjes tellen op en over 6 miljard jaar is de zon opgebrand en stort hij ineen. Het artikel gaat verder in op mijn werk (met de medewerkers van het Laboratorium voor Ruimte-onderzoek te Utrecht) op het gebied van zonnevlammen waarbij we eens, tijdens zo’n uitbarsting, temperaturen hebben kunnen meten van de orde van 70 miljoen graden. In een ander geval hebben we zelfs gedurende een fractie van een seconde temperaturen kunnen meten van de orde van 400 tot 500 miljoen graden. Dit was toen de hoogste temperatuur die ooit in het heelal gemeten was. Een ander aspect dat genoemd wordt is de verwachting dat ons melkwegstelsel over ongeveer 3 miljard jaar zal botsen met het stelsel uit het sterrenbeeld Andromeda. Dit stelsel nadert ons met een snelheid van ongeveer 300 km per seconde. “De dan botsende gassen zullen massaal nieuwe sterren, zonnen en planeten opleveren. Dat wordt een fascinerende tijd “.

Een bijzondere sterrenkundige

Mijn Terugblik in het juli-augustusnummer van ZENIT gaat over een bijzondere Amerikaanse sterrenkundige van Nederlandse afkomst: Willem Luyten. Hij studeerde sterrenkunde in Leiden en had al op de uiterst jonge leeftijd van 23 jaar de doctorsgraad verworven. Een bijzondere prestatie! Heel gauw daarna kon hij een baan krijgen in Amerika. Hij is de man die de term ‘witte dwerg’ bedacht voor sterren als de zon die aan het eind van hun leven ingestort zijn tot superdichte bollen, ongeveer even groot als de aarde maar met de massa van de zon. Zijn levenswerk was het ontdekken van witte dwergen en aan het eind van zijn carrière stonden de ontdekkingen van de meeste toen bekende witte dwergen op zijn naam.
In een gesprek met mij introduceerde hij zich als “Je weet toch wel dat ik die man ben die met iedereen ruzie heeft“. Een verwarrend begin van een gesprek. Een van de belangrijkste Amerikaanse sterrenkundigen zei eens: “Een van de beste dingen die wij Amerikanen gedaan hebben is Willem Luyten naar Amerika te halen. Maar onze allerbeste daad is dat we zorgden dat hij terechtkwam in Minneapolis, mijlen ver van elke andere astronoom“. Hij was een opmerkelijke man, moeilijk in de omgang maar uiterst solide: men kon huizen op hem bouwen.

Aarde en maan, een tweelingplaneet

Tijdens een bijeenkomst in de sessie Astro-, Geo- en Plasmafysica van de Belgian Physical Society op 13 mei in Luik, hield mijn collega Prof. Dirk Callebaut (mede namens mij) een voordracht over de oorsprong van het aarde-maan systeem. Het stelsel heeft, ook wat de oorsprong ervan betreft, alle eigenschappen van een tweelingplaneet, eerder dan van een planeet met een kleine satelliet. Het onderzoek dat hij beschreef is onderdeel van een grotere studie van planeetvorming.
De presentatie is op deze website geplaatst. Ga naar het blad ‘presentaties’ en daar naar ‘aarde-maan’.

Levensloop en levenseinde van de zon

Op 17 april 2015 gaf ik op Texel voor de sterrenkundige vereniging een lezing onder bovenstaande titel. De zon werd 4,7 miljard jaar geleden geboren in een compacte gaswolk. Misschien was het een zogenoemd Bok globule, hij zal in elk geval wel geboren zijn in een ‘reuze moleculaire wolk’. Het comprimeren tot een echte ster duurde ruim 10 miljoen jaren en vanaf toen werd de zonne-energie geleverd door de fusie van waterstof tot helium. Over ongeveer 7 miljard jaar is de kernenergie op en dan is het einde van de zon nabij. Hij zal gaan pulseren; uitzetten en inkrimpen met golvende bewegingen die een enkele honderden dagen op en neer gaan waarbij hij enkele honderden malen zo groot is als de zon nu het geval is. De planeten Mercurius en Venus zullen dan opgeslokt zijn en een oververhitte geschroeide af aarde raast langs zijn oppervlak. Als alle kernenergie op is stort hij ineen tot een zogenoemde witte dwerg. Het gas van de buitenste schillen wordt uitgestoten en toont zich aan ons als een bolvormige nevel. Dit heet een planetaire nevel. Er zijn planetaire nevels die uit meerdere schillen bestaan, wat erop kan duiden dat er sprake is geweest van meer dan een eindexplosie.
De presentatie is op deze website te zien op het blad “presentaties“ onder de titel “levenseinde zon“

Kaiser lente lezing van 21 maart

Een overzicht van de Kaiser lente lezing over de ‘explosieve zon’ die ik op 21 maart hield in de oude Leidse sterrenwacht is te vinden op de onderstaande verwijzing.

“De Kaiser Lente Lezingen
URL : http://www.oudesterrewacht.nl/lentelezingen/kees-de-jager-vertelt-over-een-explosieve-zon/ “

N.B. Frederik Kaiser werd 1840 tot hoogleraar in de sterrenkunde benoemd aan de Leidse Universiteit. Hij ijverde voor een nieuwe sterrenwacht en door zijn inspanningen ontstond in 1860 de Leidse sterrenwacht die het volgende jaar van instrumenten werd voorzien. De jaarlijkse lezingen worden naar hem genoemd.